Prestatiepsychologie
Perfectionisme: Recept voor Nooit Genoeg?
Perfectie, wat is dat? Het betekent "dat een bepaald wezen een bepaalde eigenschap in de hoogste mate bezit, of alle eigenschappen bezit." Volgens Wikipedia. Abstract? Ja, vind ik ook. Wat in de wereld voldoet daaraan? Wie bepaalt ook wanneer iets perfect is? En is het daardoor niet een subjectieve staat en niet een objectieve? En als het niet universeel is, wat in de wereld kan er dan aan voldoen? Als je het mij vraagt verdomd weinig.
Waarom? Niet dat we al te diep (nog verder) in allerlei metafysische verschijnselen zullen duiken, maar toch wil ik het heel kort even wel. Introducerend, de Wet van Entropie. Oftewel, alles in de wereld verschuift van een staat van 'orde' naar een staat van wanorde, oftewel chaos. Dat is de natuurlijke reactie van alles in de natuur, en het universum op grotere schaal.
Zie het beeld voor je van een 'perfect' onderhouden tuin. Mits daar niks aan gedaan wordt zal er onkruid gaan woekeren, groeit de strakgeknipte heg van coniferen in verloop van tijd weer wild alle kanten op en vullen de lege kieren tussen de tegels zich met mos. Het natuurlijke verloop der dingen.
En daar waren wij ineens. Wij mensen. Wezens die een drang ontwikkelden om tegen de wanorde van de natuur in te gaan. Om orde te creëren en te handhaven. En dat zijn we in min of meerdere mate, in alle ordes die je maar kunt bedenken blijven doen. Onze huizen spic en span, onze outfits kreukelloos tot in detail uitgedacht en onze lichamen tot elk puntje wat met data te vangen valt geoptimaliseerd.
In het constant beter willen zijn, het verleggen van onze grenzen en prestaties, liggen de schat en de schaduw hand in hand verscholen. Het recept voor constant grenzen verleggen die tot nieuwe hoogtes kunnen leiden, maar ook tot een gevoel van nooit genoeg. Als iemand die zichzelf maar al te goed kan herkennen en kan vallen en opstaan met de gedragingen die bij het huidige onderwerp horen. Tevens de reden dat het me ontzettend fascineert; Perfectionisme.
De professionele sportwereld, waar we ons hier op richten, is dan ook een uitgelezen broedplaats voor perfectionisme. Op 6 december 2025 werd tweevoudig wereldkampioen Ilia Malinin de eerste kunstschaatser die maar liefst zeven quadrupel sprongen in één programma maakte. Een compleet grensverleggende prestatie voor die sport die alleen mogelijk is door extreem hoge standaarden en training regimes. Strevend naar perfectie door aaneengesloten zelfverbetering.
Echter, uiteraard niet zonder keerzijde. Want hand in hand met zulke hoge eisen kwamen de mentale druk en eenzaamheid. Aan wie kun je je nog optrekken (of steun bij vinden) als je naar zoiets unieks streeft. Toch? Gelukkig is er veel onderzoek naar dit fenomeen gedaan en zijn er bruikbare methodes voor ontwikkeld. Kleine cliffhanger maar daarover later meer.
Is het eigenlijk wel zo erg?
Is perfectionisme, of liever 'het hebben van perfectionistische trekken' zoals schrijfster Chantal van der Leest in haar boek 'Waarom perfectionisten zelden gelukkig zijn' formuleert, per definitie slecht? Nou nee. Niet persé. Men zou zelfs kunnen stellen dat het streven naar perfectie een belangrijke voorwaarde is voor het bereiken van welk topniveau dan ook, zowel binnen de sportwereld als daarbuiten. De crux zit hem echter in het vervolgens wel of niet daadwerkelijk verwachten van perfectie. Ernaar streven maar niet verwachten versus ernaar streven en daarbij eigenlijk ook verwachten. Vanuit de sportpsychologie zijn deze twee categorieën van perfectionisme als volgt benoemd: adaptief versus maladaptief perfectionisme.
Adaptief perfectionisme zorgt ervoor dat mensen hoge, maar realistische doelen stellen en zichzelf continu willen verbeteren, gepaard met een gezonde motivatie. Daartegenover staat maladaptief perfectionisme. Deze vorm wordt juist getypeerd door angst om fouten te maken of 'te falen', en door overmatige zelfkritiek met als gevolg allerlei ongewenste situaties als ontevredenheid, burn-out en depressie. Vooral de angst om fouten te maken kan hier zorgen voor vermijdingsgedrag, wat prestaties juist kan blokkeren. In de wereld van de competitieve topsport kan bij sommigen hiermee de eigenwaarde gekoppeld zijn aan succes, waardoor zij kwetsbaarder zijn bij tegenslagen. Tegenslagen die inherent verbonden zijn aan de sport, en aan het leven.., om maar even niet al te existentiële uitspraken te doen.
Afijn, hier nog enkele relevante voorbeelden uit de recente sportgeschiedenis. De Poolse tennisster Iga Świątek sprak recentelijk open over haar perfectionistische trekken. Ze stelde dat perfectionisme haar vermoeilijkte om ritme te vinden en resultaten om te zetten in titels, juist omdat ze met het idee worstelde dat alles foutloos moest zijn, wat tot frustratie en twijfel leidde. Er is hierdoor een shakespeariaanse haat-liefde relatie tussen haar en haar perfectionisme ontstaan.
"Love me or hate me, both are in my favor." "For if you love me I will always be in your heart; if you hate me I will always be in your mind." (Quote gevonden op Goodreads, sloot mooi aan vond ik. Bedenker onbekend).
Deze relatie dreef Świątek tot topresultaten, maar leidde ook tot grote blokkades op het moment dat het anders verliep dan gepland. In 2025 heeft ze naar eigen zeggen een mentale reset bewerkstelligd, minder fixerend op fouten en meer op kansrijke punten. Ook profvoetballer Matthijs de Ligt, die op het moment van deze blog schrijvend bij Manchester United speelt, spreekt van een verandering in zijn perfectionistische mindset. "Eerst wilde ik geen fouten maken, nu wil ik zoveel mogelijk goede dingen doen".
Zowel Świątek als de Ligt getuigen met hun uitspraken van ontwikkelingen die mijn sportpsychologen hart in spé harder laten kloppen. Waarom? De switch in hun beide mindsets toont een ombuiging aan van 'avoidance'- naar 'approach'-motivatie. Het doel van het vermijden van fouten maken is typerend voor maladaptief perfectionisme, terwijl de mindset-transformaties naar het als doel hebben van 'zoveel mogelijk goede dingen doen', prachtig adaptief perfectionisme toebehoort.
Zou je kunnen zeggen dat perfectionisme onlosmakelijk verbonden is met de competitieve topsport? Ik denk het wel. Door de constante uitdaging die iemand aangaat, op zoek naar zelfverbetering maar ook ten opzichte van de concurrentie. Maar een ingewikkelde cocktail van eigenschappen, omgeving en context kunnen ervoor zorgen dat de een er op de korte of lange termijn last van ondervindt en de ander niet.
En nu? Wat kun je er zelf aan doen?
"Mooie verhalen, die Malinin en Świątek. Maar wat moet ík ermee?" Terechte vraag. Laten we beginnen met wat het níet is: een knop die je uitzet. Helaas, was het maar zo simpel. Perfectionisme is eerder een gespierde gewoonte, jarenlang getraind, die je vriendelijk maar beslist een andere kant op moet leren sturen. En dat doe je op twee sporen. Preventief, als de rust er nog is. En actief, in het heetst van de strijd.
Preventief begint bij het uit elkaar trekken van twee dingen die constant op één hoop word gegooid: het proces en de uitkomst. Je inzet, je voorbereiding, je herhalingen, dáár heb je grip op. De uitslag niet. Vraag het elke wielrenner die met "perfecte" benen tegen een muur van tegenwind, bandenpech en een sterkere tegenstander oploopt. Je kunt trappen. Het weer en die spijker op de weg regel je niet.
Hoe steviger je je eigenwaarde aan die oncontroleerbare uitkomst hangt, hoe kwetsbaarder je wordt voor precies datgene wat bij de sport, en het leven, nu eenmaal hoort: tegenslag. Verleg je doel dus van "geen fouten maken" naar "zoveel mogelijk goede dingen doen". Ja, precies wat De Ligt zei. Approach in plaats van avoidance. Simpel klinkend, levenslang oefenen.
En dan, misschien wel het lastigst voor degenen met perfectionistische trekken onder ons: praat tegen jezelf zoals je tegen een teamgenoot zou praten. Je zou een maatje na een gemiste kans toch ook niet de grond in boren? Waarom jezelf dan wel? Zelfcompassie is geen knuffeltherapie (waar mensen overigens ook ontzettend veel uit kunnen halen), het is een essentiële prestatievoorwaarde. Een innerlijke criticus die permanent staat te schreeuwen en je naar beneden haalt, maakt je namelijk vooral gespannen. En gespannen mensen presteren zelden op hun best.
Actief, in het moment, kan daar bijvoorbeeld een techniek uit de hoek van Acceptance and Commitment Therapy (ACT) bij kijken: defusie. Het idee is dat een gedachte een gedachte is. Geen bevel, en al helemaal geen waarheid. Er zit een wereld van verschil tussen "ik faal" en "ik heb de gedachte dat ik faal". Dat kleine woordje ertussen creëert ruimte, en in die ruimte kun je bewegen.
Geef die kritische stem desnoods een naam. De mijne heet Gollum (shoutout). Moeilijk om je nog helemaal te laten meeslepen door dat geniepige wezen dat vanaf de zijlijn staat te mopperen. En als het even te veel wordt is oefenen met terugkeren naar je lichaam een vaardigheid die kan helpen. Focus op de ademhaling, voeten op de grond, terug in je lijf. Reset. Ik snap dat dit nu wat kort door de bocht is. Maar het mooie is, deze vaardigheden zijn trainbaar zodat ze, door veel te oefenen en met de juiste begeleiding, uiteindelijk daadwerkelijk kort door de bocht worden. Geautomatiseerd.
De kunst zit hem niet in het uitroeien van je perfectionisme, want die drang naar beter is óók de motor onder je mooiste prestaties. De kunst zit hem in het leren sturen ervan, met compassie. Een beetje zoals de Avatar met de elementen doet. Van maladaptief naar adaptief. Van een sloopkogel naar een kompas.
Wabi wat?
En misschien is dat temmen wel een stuk makkelijker als je iets fundamentelers durft te omarmen: dat perfect worden nooit de bedoeling was. Daarmee wilde ik dit artikel graag ook een beetje filosofisch afsluiten, zoals hij ook begonnen werd. Vanuit net een andere hoek. Met het Japanse concept 'Wabi Sabi'.
Wabi Wat? Wabi Sabi. De schoonheid van de imperfectie. Juist datgene wat imperfect is, is de moeite waard, omdat dat de natuur is waar wij allemaal inherent onderdeel van zijn.
Met een welgemeende knipoog, denk daar maar eens goed over na de volgende keer dat je onrealistische doelen voor jezelf stelt. Je bent tenslotte een wonderlijk wezen genaamd mens, gemaakt om te falen. Om daar vervolgens met een nieuwsgierige mindset van te leren. En het is niet erg als dat ook niet altijd lukt. Bof jij even. Jij bent, hoe dan ook, ongeacht je prestaties, altijd genoeg.
Ik zou zoals beloofd terugkomen op het voorbeeld van kunstschaatser Malinin. Met wie kun je je nog op eenzame hoogte meten? Nou, met je eigen, imperfecte, maar strevende toekomstige zelf. Of, zoals Oscar-winnaar en bestsellende auteur van 'Greenlights' (Tip!) Matthew McConaughy zei: 'Who's my hero? That's me, in 10 years time'.
Bronnen
- Elliot, A. J. (1999). Approach and avoidance motivation and achievement goals. Educational Psychologist, 34(3), 169–189.
- Goodreads. (z.d.). "Love me or hate me, both are in my favor. For if you love me I will always be in your heart; if you hate me I will always be in your mind." Retrieved February 6, 2026, from https://www.goodreads.com/quotes/7491401-love-me-or-hate-me-both-are-in-my-favor
- Gustafsson, H., Martinent, G., Isoard-Gautheur, S., Hassmén, P., & Guillet-Descas, E. (2018). Performance based self-esteem and athlete-identity in athlete burnout: A person-centered approach. Psychology of Sport and Exercise, 38, 56–60. https://doi.org/10.1016/j.psychsport.2018.05.017
- Hayes, S. C., Strosahl, K. D., & Wilson, K. G. (1999). Acceptance and Commitment Therapy: An experiential approach to behavior change. Guilford Press.
- Kingston, K. M., & Hardy, L. (1997). Effects of different types of goals on processes that support performance. The Sport Psychologist, 11(3), 277–293.
- Lochbaum, M., & Gottardy, J. (2014). A meta-analytic review of the approach-avoidance achievement goals and performance relationships in the sport psychology literature. Journal of Sport and Health Science, 4(2), 164–173. https://doi.org/10.1016/j.jshs.2013.12.004
- Mosewich, A. D., Crocker, P. R. E., Kowalski, K. C., & DeLongis, A. (2013). Applying self-compassion in sport: An intervention with women athletes. Journal of Sport & Exercise Psychology, 35(5), 514–524.
- Neff, K. D. (2003). Self-compassion: An alternative conceptualization of a healthy attitude toward oneself. Self and Identity, 2(2), 85–101.
- NOS. (2025, 12 november). Nieuwe denkwijze helpt De Ligt: van "geen fouten maken" naar "zoveel mogelijk goed doen". NOS.nl. https://nos.nl/artikel/2590122-nieuwe-denkwijze-helpt-de-ligt-van-geen-fouten-maken-naar-zoveel-mogelijk-goed-doen
- Núñez, E. F. D., Villanueva, L. M. S., Mendoza, M. a. T., Alcoser, S. D. I., Garay, J. P. P., & Hernández-Vásquez, R. (2024). Perfectionism as a paradoxical factor in sport and exercise performance: An Umbrella review. Iranian Journal of Psychiatry, 19(2), 247–254. https://doi.org/10.18502/ijps.v19i2.15111
- Olympic Games. (2025, 7 december). Ilia Malinin on making history with seven-quad skate: "Going your own way can feel lonely" (Interview). Olympics.com. https://www.olympics.com/en/milano-cortina-2026/news/figure-skating-usa-ilia-malinin-making-history-seven-quad-skate-going-your-own-way-can-feel-lonely-interview
- Stoeber, J., & Otto, K. (2006). Positive conceptions of perfectionism: Approaches, evidence, challenges. Personality and Social Psychology Review, 10(4), 295–319.